Content:
"Bonjour, parle-moi de la France, merci "
"Pourquoi votre langue est si difficile à apprendre ?"
"Bonjour, comment vas-tu ? "
"Bonjour Monsieur, comment allez-vous ? "
"Salut, comment ça va ?"
De eerste begroeting is vriendschappelijk.
De tweede begroeting is formeler en respectvoller, het is een beleefde manier om een oudere persoon, die je niet of niet goed kent, te begroeten.
De derde begroeting is informeel, ze wordt gebruikt onder vrienden.
Het is natuurlijk niet mogelijk iedereen te groeten, maar het is wel aangenaam om 'bonjour' te zeggen tegen iemand als je een lift, winkel of kantoor binnenstapt.
Handdruk of zoen?
Fransen schudden elkaar vaak de hand wanneer ze elkaar ontmoeten of afscheid nemen. Als ze elkaar goed kennen, kussen ze elkaar.
De zoen is een teken van vriendschap, van vertrouwen tussen mensen die elkaar dikwijls zien, bijvoorbeeld tussen leden van een sportclub. Omhelzingen zijn vaak een uitdrukking van geluk, van vreugde bij het behalen van een succes, een goed resultaat of een vooropgesteld doel.
Eén of twee zoenen?
Of men één of twee zoenen geeft, hangt af van de streek en de generatie. Jongeren hebben de gewoonte om elkaar vier zoenen te geven, terwijl volwassenen vinden dat één zoen op elke wang volstaat: één gegeven, één gekregen.
"Un bisou" (een zoentje) is het verkleinwoord van "une bise" (een zoen). Het is lief, zacht en zowel kinderen als geliefden houden ervan.
Jij of u
Het tutoyeren gebeurt spontaan tussen jongeren, vrienden, in familiekring: ouders en kinderen tutoyeren elkaar, en ook ooms en neven.
De "vous" ('u-vorm') is voorbehouden aan respectvolle relaties, bijvoorbeeld met mensen die ouder zijn dan jezelf, met je professoren, met je baas of wanneer je je tot meerdere personen richt.
"Allo ! Bonjour Boris, c’est Paul. Comment vas-tu ?"
"Bonne journée"
"Bon après-midi "
"Bonsoir "

"Bonne chance !"
"Au revoir et merci !"
